Vrijwel iedereen gaat bij het naderend noodweer naar binnen, maar een enkeling reist er zelfs de halve wereld voor over. Wilfred Janssen vertelt over zijn passie stormchasen.

Wilfred Janssen is niet alleen meteoroloog, maar ook fanatiek stormchaser.

Op jacht naar zwaar onweer: stormchasen

Veel mensen zullen het wel eens op televisie hebben gezien: stormchasers die bewapend met meetapparatuur en voertuigen als tanks op jacht gaan naar het meest krachtige weersverschijnsel op onze planeet, de tornado. Je hoeft alleen maar te denken aan de film ‘Twister’ uit 1996. In Amerika, waar tornado’s vaak voorkomen en een grote bedreiging vormen voor de lokale bevolking, wordt veel onderzoek gedaan naar dit verschijnsel. Hiervoor moeten de zware onweersbuien natuurlijk worden opgezocht. Stormchasen, ook onweersjagen genoemd, is dus het doelbewust opzoeken van zware onweersbuien. Het gaat dus niet om stormen, zoals wij die jaarlijks een aantal keer aan zee meemaken. Stormchasen is niet zomaar even naar een onweersbui rijden, maar er gaat nog een hele voorbereiding aan vooraf. Ook tijdens het stormchasen is het niet alleen rijden naar waar de buien zijn, soms komt er ook nog tactiek bij kijken.

stormchasen
Drie ‘voeten’ van buien op rij. Welke ga je volgen? Vanaf dit punt zal kennis een grote meerwaarde geven en vaker tot succes leiden.

Weermodellen en waarnemingen

Helaas is stormchasen geen bezigheid die je ver van tevoren kan plannen. Maximaal 3 tot 4 dagen van te voren is enigszins te zeggen of zwaar onweer ergens in de buurt überhaupt mogelijk is. Is dit mogelijk, dan worden de weermodellen uiterst nauwlettend in de gaten gehouden: waar is de kans op zware onweersbuien het grootst, met wat voor type onweersbuien krijgen we mogelijk te maken, trekken de buien snel of langzaam, hoe gaan de buien ontstaan of zijn er nog mogelijkheden dat onweersbuien helemaal niet kunnen ontstaan? Op basis van de weermodellen wordt een eerste gebied gemarkeerd waarin de kans op zwaar onweer het grootst is. In dat gebied wordt vervolgens gezocht naar een plek om de jacht te kunnen starten. Meestal zijn dit plaatsen in gebieden met veel uitzicht en een groot knooppunt in de buurt. Wanneer een bui ontstaat, moet je snel alle kanten uit kunnen, dus de eerste positionering is erg belangrijk.

Op de dag van het onweer zelf tellen de weermodellen eigenlijk niet meer, hoe mooi deze er ook uitzien. We weten dat de atmosfeer erg onstabiel is en dat zware onweersbuien kunnen ontstaan. Nu is het vooral zaak om de waarnemingen en actuele satellietfoto’s goed in de gaten te houden. In de waarnemingen en op satellietfoto’s zijn vaak dingen te zien die het ontstaan van onweersbuien verraden: kleine opbollende stapelwolken op plaatsen waar de lucht warm en vochtig is. Dit kan soms zomaar 200 kilometer verschillen van wat een weermodel een dag eerder had berekend, dit is de reden waarom weermodellen op de dag zelf vrijwel niet meer worden bestudeerd.

“Als alles goed gaat, dan kom je uiteindelijk oog in oog te staan met een zware onweersbui. Met geluk is het nog een fotogeniek exemplaar ook. Soms kan je de buien maar kort aanschouwen vanwege de zeer hoge treksnelheid. Gaan ze langzamer, dan kan je een bui soms wel uren volgen en diverse ontwikkelingen zien maken. Als meteoroloog is dat iets om van te smullen.”

Bij stormchasen moet je weten wat je doet

Het opzoeken van een onweersbui klinkt vrij eenvoudig. Even een blik op de radarbeelden en rijden naar de plek waar de bui ongeveer naar toe trekt. Helaas is het minder eenvoudig dan dat. Sterker nog, zonder enige kennis van zaken kan het nog gevaarlijk zijn ook. Naast de buien heb je tijdens een jacht op zwaar onweer met nog iets veel gevaarlijkers te maken; het verkeer. Zeer zware onweersbuien hebben bijvoorbeeld vaak een compleet andere trekrichting dan de rest van de aanwezige buien. Als je dit niet of te laat in de gaten hebt, dan heb je kans om in zo’n zware bui terecht te komen. Of nog erger, in een tornado. Enige basiskennis over onweersbuien en het weer in zijn algemeenheid is dus zeker nodig.

Om te kunnen gaan ‘jagen’ op zwaar onweer, heb je feitelijk niet meer nodig dan een laptop of tablet voorzien van het liefst ongelimiteerd internet en natuurlijk een auto met een volle brandstoftank. Het continu binnenhalen van de laatste waarnemingen, satellietfoto’s en radarbeelden kunnen de jacht maken of breken. Wanneer je alles op orde hebt, moet er een zo nauwkeurig mogelijke weersverwachting worden gemaakt: waar ontstaan de buien, waar trekken ze heen en waar komen in potentie de meest zware exemplaren voor? Als laatste moet je niet vies zijn voor lange autoritten. Urenlang rijden voordat de eerste onweersbui is gevonden, is geen uitzondering.

De beste locaties voor het jagen op zwaar onweer zijn klimatologisch gezien de gebieden waar warme vochtige lucht gemakkelijk in contact kan komen met koude lucht. Het meest bekende voorbeeld zijn de grote vlaktes in Centraal-Amerika waar warme vochtige lucht uit de Golf van Mexico botst met koude lucht uit Canada en Alaska. Ook in Europa hebben we een regio waar dit vaak gebeurd: de Povlakte in Noord-Italië. Hier stroomt warme vochtige lucht vanuit de Adriatische Zee de Povlakte over, waar het daarna in contact kan komen met koude lucht uit de Alpen. Dit is ook de reden waarom er in Noord-Italië soms zeer zware onweersbuien voorkomen, die soms zelfs zware tornado’s aan de grond weten te zetten. Helaas niet altijd zonder schade…

Al van kinds af aan geïnteresseerd in extreem weer

Als kind zijnde heeft het weer mij altijd geïnteresseerd. Wanneer het weer ook maar een beetje extremer werd, stond ik aan het raam gekluisterd. Of nog liever: buiten. Naarmate ik het weer beter begon te begrijpen, kreeg ik een steeds grotere fascinatie voor zware onweersbuien. Dit zijn toch de weersystemen waarbij je de pure dynamiek van het weer in één oogopslag kan zien. Toen ik in het bezit was van mijn eerste digitale fotocamera, ben ik onweer gaan fotograferen. Zeker vanaf 17 juli 2004, toen een zware fotogenieke onweerslijn over vrijwel heel Nederland trok. Toen het rijbewijs eenmaal in bezit was, werden onweersbuien in Nederland en later ook Duitsland, België en zelfs tot nabij de Franse Alpen opgezocht: allemaal voor de unieke foto’s en de unieke weerbeleving.

In het voorjaar van 2016 heb ik voor het eerst een reis naar het meest beruchte gebied van de wereld, als het om zwaar onweer gaat, gemaakt: ‘Tornado Alley’. In het afgelopen voorjaar volgde een tweede reis. Bij beide reizen werden veel supercells (zeer zware roterende onweersbuien) gezien en in totaal meer dan 20 tornado’s.

Een van de meest gedenkwaardige dagen van de afgelopen jaren in Amerika, de Minneola-Dodge City tornado outbreak. In dit gebied kwamen op één avond 11 tornado’s voor uit één zware onweersbui, soms zelfs twee tegelijk!

Het stormchasen is voor mij natuurlijk allemaal in Nederland begonnen. Zeer zware onweersbuien komen hier niet vaak voor, maar ook de minder zware exemplaren kunnen soms zeer fotogeniek zijn. Sterker nog, de meest extreme buien zijn vaak minder fotogeniek dan iets zwakkere broertjes en zusjes. Voor de echt zware exemplaren moet je dus in de Verenigde Staten zijn, maar ook op de Povlakte in Noord-Italië kan het wel eens spoken.

Supercells, de meest fotogenieke onweersbuien

Elk type onweersbui heeft haar eigen karakteristieken. De meest eenvoudige bui is de single-cell, ofwel het ouderwetse warmteonweder. Deze bui ontstaat vaak aan het einde van een warme zwoele zomerdag en laat vaak zeer lokaal enorm veel regen naar beneden vallen. Deze buien houden het vaak niet langer vol dan een half uur tot een uur en zijn voor het onweersjagen ook niet interessant.

Het vaakst voorkomende onweer in ons land zijn de zogenaamde multicells. Dit zijn clusters met meerdere onweersbuien die vaak over het land trekken. De meeste bekende vorm van een buiencluster is de buienlijn, waarbij buien vaak netjes op een lijn langs een front liggen. Deze buien kunnen soms vrij lang leven en vooral in geval van buienlijnen kunnen ze interessant zijn om te fotograferen. Voor het onweersjagen is het minder interessant, omdat je dan liever langlevende geïsoleerde buienkernen wilt hebben. Voor de onweersjacht zijn supercells het meest ‘geliefd’: ze kunnen lang leven en zijn soms bijzonder fotogeniek.

Als je op jacht gaat naar zware onweersbuien, dan zijn supercells dus de buien die je het liefst wilt zien. Een supercell is een zeer zware onweersbui waarvan de stijgstroom rond haar eigen verticale as draait. Een supercell staat bekend om het produceren van overvloedige regenval, zeer grote hagelstenen en soms zelfs tornado’s.

Een supercell ontstaat in een omgeving die aan veel voorwaarden moet voldoen. Voor de zwaarste supercells is er warme en zeer vochtige lucht nodig. Hieruit halen zeer zware onweersbuien hun voeding. Hoe meer warmte en hoe meer vocht, hoe beter het voor de onweersbuien is. Daarnaast heeft een supercell flink wat verticale windschering nodig: het toenemen van de windsnelheid met de hoogte. Door die sterke windschering kan de supercell haar roterende stijgstroom genereren, waardoor de bui alleen nog maar efficiënter wordt. Ook gaat de stijgstroom van de bui schuin staan, waardoor neerslag naast de voet van de bui valt, en niet eronder. Hierdoor kan een supercell, in tegenstelling tot hitte-onweders, soms urenlang leven.

Is de omgeving geschikt voor supercells en er ontstaat er ook daadwerkelijk één, dan is het net een motortje dat maar steeds harder gaat draaien. Het motortje stopt pas met draaien wanneer de brandstof (de warme vochtige lucht met veel windschering) op is, of wanneer het motortje zichzelf opblaast (de bui blaast zichzelf uit elkaar doordat koude lucht uit de bui in de stijgstroom terecht komt).

Als zo’n supercell eenmaal is ontstaan, dan gaat het ook vaak erg hard. Een wolk als de paddenstoelwolk van een atoombom schiet de lucht in. Niet snel daarna wordt de lucht onder die enorme wolk alleen maar donkerder en begint van grote afstand het gedonder van het zware onweer hoorbaar te worden.

Door de draaiing in de bui en de grote verschillen in windsnelheid- en richting laag aan de grond en op grote hoogte, kan zo’n supercell de meest mooie vormen aannemen. Lang niet alle supercells krijgen fotogenieke kenmerken, dit is namelijk volledig afhankelijk van de omstandigheden op dat moment. Is de lucht zeer vochtig, dan kan het zelfs zo heiig zijn dat de bui zelf nauwelijks zichtbaar is. Vaak tegen zonsondergang, wanneer de atmosfeer nabij het aardoppervlak afkoelt en er een sterke wind op ongeveer 1 kilometer hoogte begint te waaien, worden supercells krachtiger en fotogenieker. De sterke wind op 1 kilometer hoogte strijkt de voet van de bui dan mooi glad en zorgt ook nog eens voor extra windschering.

Leermoment als meteoroloog: oog op de maatschappij

Dat het weer vrijwel overal op de wereld extremer wordt, is inmiddels wel duidelijk. Zware onweersbuien zijn een voorbeeld van wat er vaker kan gebeuren wanneer de lucht warmer wordt. Warme lucht kan meer vocht bevatten, dus indirect ook meer energie voor zeer zware buien. Het is nog niet bewezen of wij nu ook vaker met zwaar onweer te maken gaan krijgen, maar het zal onherroepelijk een keer gaan gebeuren.

Dankzij de reizen naar Tornado Alley, heb ik veel kennis opgedaan over het nauwkeurig verwachten van deze zware onweersbuien. Zeker wanneer het gaat om zeer zware onweersbuien, kunnen wij in Nederland nog veel leren van de technieken die de Amerikanen gebruiken om beter zwaar onweer te kunnen verwachten. Daar is het ook van levensbelang, dit hogere denkniveau hebben wij in ons land gelukkig (nog) niet nodig.

Zware onweersbuien kunnen maatschappij-ontwrichtend werken. Zeker grote evenementen kunnen zeer veel hinder ondervinden van dit soort zware onweersbuien. Denk hierbij aan recentelijke gebeurtenissen als de Zwarte Cross in 2012 en het Belgische Pukkelpop in 2013. Door zo actief bezig te zijn met in het specifiek zware onweersbuien, begrijpen we beter hoe deze buien zich gedragen en wat de risico’s zijn. Hierdoor kunnen we in de toekomst betere inschattingen maken over de risico’s die dit soort zware buien met zich meebrengen. Op basis van de informatie die wij hebben bij het stormchasen, weten we precies waar we moeten staan: we weten dus tot ongeveer een uur van te voren waar zo’n zware bui exact heen gaat. Dit kan uiteindelijk net genoeg tijd zijn voor een organisator van een evenement om bezoekers tijdig te waarschuwen. Overigens bieden we speciaal voor deze organisaties OutdoorSupport aan bij Infoplaza. Om de risico’s voor bezoekers tijdens een evenement uit te sluiten.


Meer weten over onze weerexperts of contact opnemen?

Lees verder! Neem contact op